Iran’s lange arm in Nederland
Iraanse ‘spionnen’ zijn overal in Nederland. Ze houden gevluchte landgenoten in de gaten, intimideren ze, bedreigen ze of hun familie in Iran. Soms worden huurmoordenaars ingeschakeld om critici van het Iraanse regime definitief uit te schakelen. In elk geval hangt de dreiging van liquidatie voortdurend boven het hoofd van dissidenten in de diaspora.
De eerste liquidatie van een Iraniër in Nederland was op 15 december 2015, toen de Iraanse elektricien ‘Ali Motamed’ voor zijn rijtjeshuis in Almere werd doodgeschoten. Pas 3 jaar later (in 2018) werd bekend dat achter Motamed Mohammad Reza Kolahi Samadi schuil ging. Hij was in Iran veroordeeld tot de dood door ophanging, omdat hij een beruchte aanslag zou hebben gepleegd op het hoofdkwartier. Onder zijn schuilnaam heeft hij jarenlang een normaal leven kunnen leiden. Hij was niet politiek actief. Toch was het regime hem niet vergeten.
In 2017 werd de Iraans-Nederlandse activist Ahmad Mola Nissi in Den Haag doodgeschoten. Nissi was medeoprichter van de Arab Struggle Movement for the Liberation of Al-Ahwaz, een onafhankelijkheidsbeweging die door Iran wordt beschouwd als een terroristische organisatie. Hoewel de dader nooit werd gepakt, schreven toenmalig ministers Stef Blok (Buitenlandse Zaken) en Kajsa Ollongren (Binnenlandse Zaken) in 2019 dat Iran waarschijnlijk opdracht gaf voor de moord. Zoals het regime vermoedelijk ook achter de moord in Almere zat.
In 2024 ontsnapte de Iraanse mensenrechtenactivist Siamak Tadayon Tahmasbi aan liquidatie. Tahmasi woonde zes jaar in Nederland. Veel Iraanse vluchtelingen houden zich koest uit angst voor de lange arm van Teheran. Tahmasbi niet. Hij spreekt zich uit bij Voice of America, een Iraanse zender (deels door de Amerikaanse overheid gefinancierd) waarin hij corruptiezaken bespreekt van grote Iraanse bedrijven en uitlegt hoe Iran de sancties omzeilt. Hij ondersteunt dat met documenten, identiteitsbewijzen van betrokkenen en screenshots van geldtransacties. Op 6 juni 2024 werden twee gewapende overvallers gearresteerd. Tahmasbi, die op X en Instagram meer dan 25 duizend volgers had, vertelde later over de bedreigingen aan zijn adres.
‘Ik maak je dood’ en ‘jij bent een spion van de zionisten’ dat soort berichten ontvangt hij voortdurend. Ook zijn neef in Iran fungeert als doorgeefluik van het Iraanse regime. Zijn neef vertelde Tahmasbi dat hij hetzelfde lot zal ondergaan als andere tegenstanders van het regime die op Europees grondgebied zijn vermoord. Vooralsnog is Tahmasbi de dans ontsprongen, maar nieuwe liquidatiepogingen worden ondernomen, is zeker niet uitgesloten.
De inlichtingendiensten gaan ervan uit dat Iran achter de twee moorden en de poging tot moord zit, maar harde juridische bewijzen zijn er niet.
Sommige critici worden beveiligd, zoals de rechtsgeleerde Afshin Ellian en diens zoon, Tweede Kamerlid voor de VVD Ulysse Ellian.
De oprichter van het Comité Iran Vrij, voormalig minister van Buitenlandse Zaken Uri Rosenthal, is door het regime op de terrorismelijst geplaatst. Teheran maakte die lijst, waarop zo’n twintig namen staan van mensen uit de Europese Unie en het Verenigd Koninkrijk, in april 2023 bekend. Rosenthal en de anderen zouden zich schuldig hebben gemaakt aan het áanzetten tot terroristische daden en geweld tegen het Iraanse volk, inmenging in Iraanse aangelegenheden en het verspreiden van valse informatie’. Zij kunnen niet meer naar Iran afreizen, en kunnen ook niet meer bij eventuele rekeningen in het land.
Iraanse Nederlanders die hun land van herkomst willen bezoeken, worden ook nogal eens gebruikt als informatiebron voor het regime. Ze worden bij de grens aangehouden, hun paspoort dreigt te worden afgepakt, tenzij ze informatie verstrekken over personen waarin het regime geïnteresseerd is. Dan kunnen de critici in Nederland intimiderende telefoontjes krijgen van, waarschijnlijk, de Iraanse ambassade. ‘We weten waar je woont, we weten alles van je.’ Of ze krijgen verleidelijke telefoontjes met de strekking dat ze gerust naar Iran kunnen afreizen om hun zieke moeder te bezoeken of de begrafenis bij te wonen van een geliefd familielid. Er zal hun dan niets overkomen. Zwichten ze voor die verleiding dan is de kans groot dat ze in de gevangenis belanden.
Sommige activisten krijgen huilende familieleden aan de telefoon uit Iran. Ze worden dan gesmeekt te stoppen met hun activisme. Verzocht zich alleen bezig te houden met hun werk en gezin. Niet alleen is er angst dat hun dierbaren in Europa worden omgelegd (niet alleen in Nederland is dat gebeurd), maar ze worden zelf ook bedreigd door het regime. Activisten worden zo voor een lastig dilemma geplaatst. Ga ik door met kritiek te uiten op het regime, of houd ik mijn mond uit angst. Het regime is uit op het laatste. Het vergt moed om door te gaan met de strijd, vooral in Iran, maar ook in de diaspora. En om kloek te stellen, zoals een jonge Iraans-Nederlandse activiste het stelde in de Nederlandse media: ‘Als je je door angst laat leiden, zal er nooit wat veranderen.’
Janny Groen